Welke kaasschaaf past bij jonge en oude Goudse kaas?
Kort antwoord
Voor jonge en jong belegen Goudse kaas werkt meestal een kaasschaaf die dun en soepel schaaft en waarbij kaas minder snel plakt. Voor zeer belegen en oude Goudse kaas werkt meestal een stijvere, robuustere kaasschaaf beter, omdat je gecontroleerd meer kracht kunt zetten zonder dat de schaaf teveel meebuigt. Als je een allround keuze wilt, kies dan een stevige, scherpe kaasschaaf die ook dun kan schaven.
Uitleg
Jonge en oude Goudse kaas vragen iets anders van een kaasschaaf.
- Jonge en jong belegen kaas is zachter en plakkeriger.
- Zeer belegen en oude kaas is harder en kan sneller brokkelen.
Daarom maken vooral deze eigenschappen verschil:
- Stijfheid van de schaaf: bij oude kaas geeft een stijvere schaaf meestal meer controle.
- Scherpte van het snijvlak: bij alle kazen helpt een scherp snijvlak, maar bij harde kaas voorkomt het vooral haperen.
- Ruimte rond het snijvlak: bij jonge kaas helpt dit vaak tegen plakken.
- Plakdikte: bij zeer harde kaas werkt iets minder flinterdun vaak netter.
Merk is minder belangrijk dan uitvoering. Boska is een bekend voorbeeld, maar ook daar verschillen modellen duidelijk in stijfheid en schaafgedrag.
Wanneer Dit Geldt
Dit advies geldt voor Nederlandse Goudse kazen in het bereik van jong tot oud, dus harde en semi-harde varianten die je normaal met een kaasschaaf snijdt.
Wanneer Dit Niet Geldt
- Kaas die direct uit een zeer koude koelkast komt.
- Kaas met uitgedroogde randen of harde korst die nog niet is weggesneden.
- Zeer brokkelige stukken oude kaas waar een klein mes praktischer is.
Praktisch Advies
- Laat vooral oude kaas 10 tot 15 minuten op temperatuur komen.
- Gebruik een rustige, lange haal in plaats van korte, harde bewegingen.
- Oefen niet meer druk uit dan nodig; meer druk is vaak een teken van een ongeschikt model of bot snijvlak.
- Maak de kaasschaaf direct schoon en droog om plakken en weerstand te beperken.